Achter de schermen: Hoe maak ik winst?

Omzet genereren kan iedereen, hoge melkproducties met lage marges is voor veel boeren in Nederland het verdien model. Regelmatig vragen mensen ons dan ook: “Hoe maak jij eigenlijk winst met natuur-inclusieve landbouw, als koeien minder melk geven?” De dieren spelen daarin de belangrijkste rol. Door de dieren voorop te zetten in de kringloop, nemen ze ons al veel werk en kosten uit de hand.

Hoeveel mag je minder melken, als je minder kosten maakt?

Je hoort het vooral in het buitenland, maximaal weiden en de kosten zo laag mogelijk. (Deze landen hebben over het algemeen een lage melkprijs, ze moeten dus ook wel). Vaak hebben deze landen ook een ander klimaat wat deze lage koste systemen goed mogelijk zijn. Maar als we deze systemen een kritisch bekijken, waarom zijn de kosten dan zo laag? Waarom halen deze boeren een goed inkomen met een realief lage productie per koe?

Pracktisch: Op het moment dat een koe zelf in het weiland staat te grazen. Bespaard ze direct werk en kosten. De boer die zijn koeien op stal heeft moet namelijk acht keer op de trekker rijden om hetzelfde gras om te zetten in melk: Een kleine opsomming.

  1. Maaien

  2. Schudden (gras moet zongedroogd worden, dat noemen we inkuilen. Schudden betekent het draaien van het gras).

  3. Schudden (dit moet meestal twee keer per maaisnede).

  4. Harken (om het gras op te rapen moet het bij elkaar liggen).

  5. Ophalen

  6. Luchtdicht inrijden (om het gras goed te bewaren moet je de zuurstof zo veel mogelijk uit de hoop drukken).

  7. Voeren (na zes weken kan het naar de koeien gebracht worden).

  8. Mestrijden (de koeien staan op stal en mesten daar ook. Al deze mest dient als voeding voor het gras en moet dus op het weiland komen).

Dat betekent dus acht keer zoveel kosten, arbeid, CO2-uitstoot en dieselverbruik ten opzichte van de weider. Dat geld hoeft een weidende boer niet terug te verdienen.

Besparen op de lange termijn

Nu is het niet zo dat wij als weiders nooit inkuilen. De grond in Nederland laat het helaas niet toe om de koeien 365 dagen per jaar buiten te laten lopen, daarvoor is het te nat in de winter. In vergelijking met de opstallers maaien wij ongeveer 30% ten opzichte van de opstaller die wel vijf tot zes keer per jaar oogsten. Dat zijn niet alleen kortlopende besparingen, ook op de langere termijn brengt het voordelen met zich mee. Zo hoeven wij een voerwagen met een trekker bijvoorbeeld niet te vervangen, simpelweg omdat we ze niet gebruiken. Maar de meest interessante en onderschatte waarde vermindering is dat het ingekuild gras een lage voedingswaarde heeft dan vers geweid gras. Dat komt omdat ingekuild gras zo’n 15 procent van de energie gebruikt tijdens het inkuilproces.

Het verdunningseffect